ORGELMUZIEK IN DE BASILIEK

De orgelcultuur in de Heilig Bloedbasiliek bestaat al veel langer dan de meeste mensen zullen vermoeden. Reeds vanaf het begin van de 16de eeuw is er sprake van orgels en orgelmakers in de rekeningen van de Edele Confrérie. In de archieven staan verschillende orgelbouwers vermeld die ofwel reparaties uitvoerden ofwel een nieuw orgel plaatsten gedurende de 16de, 17de en 18de eeuw.

Belangrijke namen zijn Lauwereyns Veldam, Jan Waghers (16de eeuw), Crespin du Bois, Boudewijn Ledou (17de eeuw).

In 1751 schonk Isabelle Claesman, dochter van de Baron van Male, een nieuw orgel gemaakt door de befaamde Brugse orgelbouwer Andries Jacob Berger (1712 – 1774). Dit waardevolle instrument werd vernietigd of verdween tijdens de Franse revolutie.

De Brugse orgelbouwer Hooghuys vervaardigt een nieuw orgel in 1836. Dit wordt geplaatst op een nieuw doksaal in de westgevel. Voor de plaatsing van een nieuw glasraam moest dit doksaal echter verdwijnen. Het doksaal met orgel werd afgebroken in 1854 en doorverkocht aan onderpastoor Slock uit Roeselare.

Het laat-romantisch orgel dateert van 1912, en is van de hand van orgelbouwer Jules Anneessens uit Menen.

De organisten van de basiliek waren in de loop van de geschiedenis meestal ook organist van de Sint-Donaaskathedraal op de Burg.

Sedert het najaar van 2012 is er maandelijks een orgelmis.